Motivaction - marktonderzoek en strategie

Nieuws

Mentality-segmentatie letterlijk tot leven gebracht bij Unilever
02.02.10 / Motivaction
Humanisten veroveren zendtijd
18.01.10 / de Volkskrant
Zoeken naar synergie tussen veranderkunde en marketing
18.01.10 / M&O Tijdschrift voor management en organisatie
ESOMAR - BEST OF Event
18.01.10 / ESOMAR
Scherpe analyse van jeugdproblematiek
14.12.09 / Nieuw Amsterdam

Meer nieuws


Leve de monogamie!

Ondanks alle aandacht in de media voor buitenissige vormen van seks doen we 'het' nog steeds liever gewoon, blijkt uit het HP/De Tijd Seksonderzoek 2006. Ook vreemdgaan is voor de meeste mensen taboe. Alleen de elite zit niet zo met een slippertje.

Seks wordt weleens vergeleken met een wildwatertocht per kano, maar de meeste Nederlanders beschouwen het toch eerder als een zeiltochtje over de Friese meren, met hooguit windkracht 3. Te ondiep om te verdrinken (als je tenminste op het Tjeukemeer blijft), lekker fris, kalmpjes aan en relaxed. Aangenaam kortom. In een enquête onder ruim duizend respondenten, tussen de 18 en 65 jaar, in opdracht van HP/De Tijd uitgevoerd door het bureau Motivaction, beoordelen ze hun seksleven gemiddeld met een 7. Mannen en vrouwen, jong en oud, arm en rijk, lange relaties, korte relaties, mensen met kinderen of zonder kinderen, het maakt allemaal geen verschil. Iedereen zweeft om en nabij die comfortabele 7. De enige groep die hierop een uitzondering vormt, is de categorie 'mensen zonder vaste relatie'. Die geeft zichzelf een 6-minnetje.

Hiermee is de toon gezet: er gaat toch maar niets boven huisjeboompje- beestje. Met z'n tweeën kun je een front vormen tegen de buitenwereld. Vijfentachtig procent van de ondervraagden bevindt zich in de begeerlijke categorie 'mensen met een vaste relatie' (getrouwd, samenwonend of lattend) en wat je ook van deze groep mag denken, qua seksleven hebben zij het prima voor elkaar. De swingende single die van de ene naar de andere one-night-stand vlindert, is een stuk minder tevreden Of misschien komt die swingende single wel nauwelijks voor in vergelijking met de thuis kniezende single of de wanhopig zoekende single - dat kan ook. Opmerkelijk is dat het rapportcijfer 'zeven' gedurende ons hele leven rotsvast blijft staan. Jonge mensen van 18 tot 24, die volop bezig zijn van alles te ontdekken, zijn even tevreden als ouderen (in de steekproef respondenten tussen de 55 en 65 jaar), die in veel gevallen al meer dan een kwart eeuw tegen datzelfde lichaam van diezelfde partner zitten aan te kijken. Waaruit we de hoopgevende boodschap kunnen halen dat seks niet saai wordt met het klimmen der jaren, maar leuk blijft. Ouderen reppen in ieder geval niet van kwalitatief verval in hun seksleven. Er is zelfs geen verschil tussen ouderen en jongeren in de mate waarin ze hun partner aantrekkelijk vinden.

Goed, jongeren doen het vaker dan ouderen (een kwart van de ondervraagden van 18 tot 24 jaar zegt het drie tot vijf keer per week te doen, tegen één op de tien 55-plussers), maar daar vallen we niet van achterover. Ook de mindere variatie in standjes en het gegeven dat ouderen hun eigen lichaam vaak minder aantrekkelijk vinden dan jongeren, mag geen verwondering wekken. Blijkbaar vormen routine, door de jaren heen opgebouwde intimiteit en de weg kennen op elkaars lichaam en in elkaars geest voldoende compensatie voor afnemende spanning en teloorgegane jeugd.

Meer dan 90 procent doet niet aan SM, trio's of partnerruil en gaat nooit naar een parenclub.

Ze hebben het dus gewoon goed voor elkaar, die 55-plussers. Drie kwart van de ouderen geeft aan dat hun seksuele wensen goed door de partner worden aangevoeld. Dat is meer dan in alle jongere leeftijdscategorieën. Bij acht op de tien ouderen leidt seks bovendien (vrijwel) altijd tot een orgasme. Daar kunnen jongeren niet aan tippen: bij mensen tussen de 18 en 24 komt het 'slechts' in 65 procent van de gevallen tot een hoogtepunt. Seks hebben terwijl je daar op dat moment zelf eigenlijk geen zin hebt? Een op de drie mensen tot 55 maakt het weleens mee, tegen een op de vier ouderen. Een partner die vaker wil? Een op de drie jongeren worstelt ermee, tegen een op de vijf ouderen. Oudere mensen, zo blijkt uit het onderzoek, voelen zich zekerder van hun relatie en hun seksleven. Flirten met een ander, dat mogen twee van de drie ouderen in het bijzijn van hun partner. Nog niet de helft van de jongeren zegt daar tegen te kunnen. Ruim de helft van de ouderen ziet in overspel niet automatisch een reden om de partner aan de kant te zetten. Bij de jongste leeftijdscategorie is het in zo'n geval in tachtig procent van de gevallen: einde oefening. Het belang dat aan seks wordt gehecht, zo suggereren de cijfers, wordt met de jaren minder. Slechts een kwart van de jongeren kan zich voorstellen dat hun relatie zou kunnen voortbestaan zonder seks, tegen de helft van de ondervraagden ouder dan 55 jaar. Dat is begrijpelijk. Gebreken komen met de jaren. Potentieklachten zullen daar deel van uitmaken, evenals andere kwalen, ook van vrouwen, die hun weerslag hebben op het seksleven. Wat nog geen reden is om de partner de deur uit te doen. Toch scoort seks verrassend hoog wanneer ouderen wordt gevraagd wat ze het moeilijkst zouden vinden om gedurende een half jaar op te geven: vakantie en weekendjes uit, seks, uit eten gaan, contacten met vrienden en familie, televisie kijken, autorijden, computeren, huisdieren. Een derde van de ouderen kiest seks, en slechts 20 procent kiest 'contacten met vrienden of familie'. Bij de jongeren ligt het omgekeerd: bijna de helft van hen kiest 'contacten met vrienden of familie' als het moeilijkst om op te geven en een kwart kiest seks.

Naast het tot optimisme stemmende beeld van opgewekte ouderen wier seksleven verre van uitgeblust is (nu ja, zo oud zijn ze niet - mensen van 55 tot 65 staan midden in het leven), is het belangrijkste wat uit dit onderzoek naar voren komt de verregaande gewoonheid van de gerapporteerde seksuele gedragingen en belevingen. Uit de data rijst de gestalte op van een moderne Alleman die onverstoorbaar een à twee keer per week met zijn of haar partner naar bed gaat, en daarbij weinig moet hebben van buitenissigheden. Of de respondent nu 20 of 60 jaar is, doet nauwelijks ter zake. Men doet het gewoon en men is best tevreden. Niet dik tevreden (daar zou het rapportcijfer 8 op duiden), maar best tevreden. Het kon althans stukken slechter.

De cijfers over wat mensen allemaal níet doen zijn in dit verband veelzeggend. Laten we de reguliere geslachtsdaad (in diverse standjes) even voor wat die is, dan is van de opgehipte of gewaagdere seksvarianten orale seks eigenlijk de enige activiteit die in de hele populatie ruim wordt beoefend. Slechts 20 procent heeft hier het afgelopen jaar niet mee te maken gehad. Orale seks is populair, en naarmate de ondervraagden jonger zijn, neemt de populariteit toe. Ongeveer twee derde gebruikt nooit of bijna nooit hulpmiddelen à la speciale lingerie, vibrators of ander seksspeelgoed. Eveneens twee derde houdt zich niet bezig met porno via de computer. Met anale seks hebben zeven van de tien ondervraagden geen ervaring. Meer dan 90 procent van de ondervraagden houdt zich verre van SM, doet niet aan partnerruil of trio's en bezocht geen parenclubs. Tachtig procent legt geen seksuele verrichtingen vast op foto of video.

Misschien zou dit niet tot verbazing moeten leiden. Waarom zou je immers verwachten dat de gemiddelde Nederlander zich bezighoudt met verkleedpartijtjes, ingewikkelde toneelstukjes of grensoverschrijdend gedrag om met hun vaste partner hun seksuele lusten te bevredigen? Het punt is dat zoveel van de omgeving van die gemiddelde Nederlander die indruk wél wekt.

Jongerenbladen schrijven luchtig over seks zoals de Libelle vroeger over het verwijderen van vlekken.

De vrouwen- en jongerenbladen vormen elke week of elke maand weer een catalogus van eigenaardige seksuele ontboezemingen, problemen en tips. De artikelen zijn onveranderlijk geschreven op een luchtige, niks-aan-de-hand-toon, zoals vroeger in de Libelle wel het verwijderen van uiteenlopende vlekken werd behandeld. Op de televisie en in de rest van de journalistiek gaat het niet anders. Elk klein nieuwtje of ontwikkelingetje op het gebied van seks wordt weggesnaaid, voordat de concurrentie zich er meester van kan maken, en smakelijk voor de consument uitgeserveerd. Zo hebben bijvoorbeeld alle serieuze kranten en bladen wel op een of andere manier aandacht besteed aan de populaire trend van de vibrator-theekransjes, waar vrouwen samenkomen in een huiskamer om seksspeeltjes te betasten en aan te schaffen. De gedachte dringt zich dan op dat iedereen in Nederland zich kennelijk uitleeft met vibrators en kruisloze slipjes, binnen of buiten een vaste relatie, maar waarschijnlijk is het samen giechelig bekijken en de aanschaf van dergelijke parafernalia een grotere kick dan het gebruik ervan.

De alomtegenwoordigheid van seksuele prikkels in de media, het amusement, de reclame-uitingen, de populaire muziek en de kunst in het algemeen wekt de verwachting dat iedereen in de beslotenheid van zijn eigen slaapkamer er dan ook wel flink tegenaan zal gaan, maar dat blijkt niet uit het onderzoek. Het lijkt op zoals het ging in het BNN-programma Spuiten en slikken. Als daar het onderwerp seks ter sprake kwam (vaste prik bij elke uitzending), dan was dat natuurlijk altijd iets gewaagds en marginaals, zoals anale seks of 'swingen', en altijd zeiden de wereldwijze gasten die aan tafel commentaar zaten te geven dat zij daar zelf geen ervaring mee hadden en er ook niets van moesten hebben. Waarom dan toch de schijnwerpers erop gericht? Tja, flamingo's trekken meer bekijks dan spreeuwen.

Jongeren nemen met hun mobieltjes scabreuze foto's van elkaar en zenden die om op te scheppen door naar vrienden, of zetten ze op internet bij wijze van wraakneming na verzuring van de relatie. Tienermeisjes geven hun lichaam veil voor een Breezer of een traktatie bij McDonald's. Blote buiken van jong en middelbaar domineren het straatbeeld. Paaldansen wordt een moderne hobby voor fatsoenlijke vrouwen die willen gymnastieken en aan hun uitstraling willen werken. Terwijl de cultuur onstuitbaar veravantgardiseert of verloedert, afhankelijk van wie ernaar kijkt, sjokt de brave burger onverstoorbaar voort. Op hem of haar heeft dit alles geen weerslag. Aan zijn lijf geen polonaise. Hij/zij vindt gewoon in meerderheid (70 procent) dat zoenen onmisbaar is voor een geslaagd seksueel treffen en dat de partner zijn (of haar) wensen goed aanvoelt (66 procent).

Hoewel een kwart van de respondenten zegt in het leven slechts één bedpartner te hebben meegemaakt (ook alweer een grotere groep dan je in deze waarde- & normloze tijden zou verwachten), is het niet zo dat de gemiddelde Nederlander van ervaring is verstoken. De een-bedpartner-groep is oververtegenwoordigd bij de jongeren tot 24 jaar (37 procent) - logisch, want zij staan aan het begin van hun seksuele carrière - en verder gelijkelijk verdeeld over de andere leeftijden, met percentages die schommelen tussen 20 en 27. Ruim een derde van alle respondenten bevindt zich in de categorie twee à vijf bedpartners, eveneens gelijkelijk verdeeld over alle leeftijden. En de rest, zo'n veertig procent, heeft nog meer contacten op zijn conto - 7 procent zit in de categorie 'meer dan 25 veroveringen'.

Wat ons op de vraag brengt of die andere bedpartners wel allemaal in het veilige (verre) verleden zijn ontmoet. Hoe zit het met het overspel, de klassieke vorm van o-la-la-seks waar iedereen altijd met gusto over meepraat, zolang het tenminste niet hemzelf persoonlijk betreft? Ook deze vorm van grensoverschrijdende seks wordt door onze populatie met overweldigende meerderheid afgewezen. Niet op een generaliserende manier, als in 'overspel mag niet', maar op zichzelf betrokken. 89 procent van de Nederlanders houdt staande dat zij zich niet hieraan bezondigd hebben, althans niet in de afgelopen twaalf maanden. Leve de monogamie! Die 11 procent stiekem ontrouwen bestaat, geheel volgens de regels van de dubbele moraal die coulant is voor mannen en streng voor vrouwen, uit twee keer zoveel mannen als vrouwen. De negentiende eeuw is niet dood, hij leeft.

Interessant zijn ook de houdingen tegenover overspel. Iets meer dan de helft van de mannen vindt overspel van de partner een reden om de relatie te beëindigen. Van de vrouwen denkt 70 procent er zo over. Ook vinden vrouwen het erger dan mannen als hun partner met een ander flirt op een feestje, ongeveer de helft tegenover een derde. Seksueel getinte internetcontacten van de partner worden door twee derde van de vrouwen veroordeeld, tegenover een derde van de mannen. Vrouwen zijn dus strikter. Waarom? Dit heeft op een of andere manier met macht te maken. Voor de seksuele revolutie en voor de emancipatie waren veel vrouwen tamelijk onderworpen aan hun man. In ieder geval waren ze financieel afhankelijk. Ook al was de moraal tegen overspel, veel vrouwen moesten dit gedrag van hun man toch maar slikken. Ze hadden eenvoudig geen keuze. Het was moeilijk overleven voor een alleenstaande vrouw met kinderen. Tegenwoordig hebben ze wel een keuze: ze kunnen scheiden van zo'n man, iets wat ook op ruime schaal gebeurt. Een op de drie huwelijken loopt op een scheiding uit. Maar scheiding blijft een paardenmiddel dat veel ellende met zich meebrengt. Echtscheiding is een nieuwverworven wapen van de vrouw in de strijd der seksen. Als het nodig is, aarzelen vrouwen niet om dit wapen in te zetten - de meeste scheidingen worden door vrouwen geïnitieerd. Maar de facto zijn het toch vaak de vrouwen die het slechtste af zijn na een scheiding: oké ze houden de kinderen en ze zijn af van een irritant element in hun dagelijkse leven, maar financieel gaan ze erop achteruit, en het uitzicht op een nieuwe partner is voor hen minder hoopvol dan voor gescheiden mannen. Wat betekent dat de macht, die iets beter tussen mannen en vrouwen is verdeeld dan vroeger, als het erop aan komt toch nog steeds bij mannen ligt. Groepen die de ? macht hebben, kunnen het zich veroorloven om de regels minder strikt toe te passen voor zichzelf, en om toleranter te staan tegenover hun intimi die eventueel ook eens een regeltje schenden.

In het onderzoek zien we deze trend terug wanneer we de resultaten van de hoogopgeleiden en de veelverdieners bekijken. Een op de vijf hoogopgeleiden heeft meer dan elf bedpartners gehad, tegenover een op de tien laagopgeleiden. Hoe hoger opgeleid, hoe meer bedpartners je hebt meegemaakt, een keurig stijgende lijn. Ook de drie-keer-modaal-verdieners scoren bijzonder hoog op het aantal bedpartners. Een op de tien hoogopgeleiden vindt seksueel getinte internetcontacten van de partner een vorm van overspel tegenover bijna een kwart van de laagopgeleiden. Precies dezelfde verschillen zien we voor het je storen aan het flirten van de partner. Hoogopgeleiden zitten er minder mee dan laagopgeleiden. En ten slotte vindt iets meer dan de helft van de hoogopgeleiden overspel van de partner een reden om de relatie te beëindigen, tegenover 70 procent van de laagopgeleiden. Grappig is ook dat een derde van de hoogopgeleiden het eigen lichaam aantrekkelijk vindt, tegenover een kwart van het middenkader, en een vijfde van de laagopgeleiden. Klein detail: de hoogste inkomens scoren het hoogst op (zelf waargenomen) aantrekkelijkheid van het eigen lichaam: 35 procent is tevreden met z'n uiterlijk.

Degenen met de macht, financieel, qua opleiding of sekse (man), hebben het meeste plezier en kunnen het zich daarbij veroorloven er een iets relaxtere moraal op na te houden. Veelbetekenend in dit verband is dat in de hoogste inkomensgroep, 'drie keer modaal of meer', bijna de helft aangeeft dat hun relatie best zou kunnen voortbestaan zonder seks. Deze groep is te klein om op te generaliseren. Toch is het interessant dat zij het hoogst scoren op overspel, terwijl ze tegelijk het minst gescheiden zijn! De laagopgeleiden en beneden-modalen zijn het vaakst gescheiden. Het lijkt erop dat de elite in deze maatschappij de zaken op seksgebied zo'n beetje regelt zoals het in z'n kraam te pas komt (of in die van haar - want onder hoopgeleiden en goedverdienenden bevinden zich natuurlijk ook vrouwen), terwijl ze tegelijk het 'hogere doel' van het huwelijk in de gaten blijven houden. Als je eenmaal getrouwd bent of duurzaam samenwoont, dan ga je de zaak niet opbreken om iets futiels als een amourette. Een tendens die de opvattingen weerspiegelt van Theodore Dalrymple, de Britse psychiater van wie vorig jaar het veelbesproken Leven aan de onderkant verscheen. Sinds de jaren zestig is de lossere seksuele moraal van de elite als zinkend cultuurgoed doorgesijpeld naar de lagere klassen en heeft daar verwoestingen aangericht die men bovenin buiten de deur heeft weten te houden. First things first. Het huwelijk is bedoeld om te blijven. Maar als er bij de elite iets grensoverschrijdends gebeurt, dan is er niet meteen een man overboord. Mogelijk breekt men de zaak binnenshuis op (ruimte en privacy genoeg), zoals de Franse haute bougeoisie dat gewend was. Als zich een moraalschending voordoet in een relatie met minder maatschappelijke status, minder rijkdommen die teloor kunnen gaan, minder gemeenschappelijke duooverstijgende belangen, zal het scheidingswapen eerder worden ingezet. Met grote nadelige gevolgen voor de betrokkenen. De machtigen trekken als altijd aan het langste eind.

Het HP/De Tijd Seksonderzoek is uitgevoerd door Motivaction onder een vast panel van ruim duizend respondenten tussen 18 en 65 jaar die representatief zijn voor de Nederlandse bevolking.