Drs. Timmerman. Waarom hoogopgeleiden voor het ambacht kiezen
Drs. Timmerman. waarom hoogopgeleiden voor het ambacht kiezen
Ze zeggen de ratrace gedag en gaan tuinieren, timmeren of taarten bakken. En nemen het verlies aan inkomen en status voor lief. 'Als ik van oud-collega's de beslommeringen hoor, ben ik blij dat ik de volgende dag weer mag schoffelen in de buitenlucht.'
Hadden ambachtslieden in de middeleeuwen het hoogste aanzien, door de mechanisatie en de overwaardering van 'hoofdwerk' is hun status gezakt tot ver onder die van managers, directeuren en andere witteboorden-werkers.
Maar daar komt verandering in. De ambachtsschool nieuwe stijl, die vmbo-scholen vorig jaar introduceerden, is een groot succes, de Week van het Ambacht had nog nooit zo veel bezoekers en in steden verrijzen biologische markten vol smakelijke streekproducten en 'ambachtsstraten' met ateliers van hoedenmakers, kledingontwerpers en glasblazers. Het ambacht is bezig aan een revival, niet in de laatste plaats bij hoogopgeleiden. En zij willen niet alleen dat ambachtelijk gebakken zuurdesembrood of die mooie handgemaakte tas kopen, ze willen het ook steeds vaker zelf maken.
Hoeveel advocaten, managers en directeuren hun goedbetaalde baan inruilen voor een bestaan als timmerman, vioolbouwer of banketbakker is niet bekend. Jaarlijks kiest een half miljoen Nederlanders voor totaal ander werk en loopbaanadviseurs schatten in dat 10 daarvan een radicale switch maakt en bijvoorbeeld kiest voor een ambacht. Een keuze die volgens Laurens Knoop van marktonderzoeksbureau Motivaction perfect in de tijdgeest past.
Voor een groeiende groep mensen draait het in een baan niet langer om status, geld en macht, maar om vragen als: doe ik wat ik leuk vind, kan ik me ontplooien en heeft de maatschappij daar ook iets aan? Een ambacht is tastbaar werk met een duidelijk resultaat en daar ontbreekt het in de kantooromgeving nogal eens aan volgens Knoop.
'De binding die mensen met hun werk hebben, is soms ver te zoeken. Ze zijn een schakel in een groot proces en gissen naar hun bijdrage aan het eindresultaat.' Als onderdeel van de behoefte aan zingeving en authenticiteit - waar het hier eigenlijk om gaat- is ook een trend waarneembaar dat hoogopgeleiden op zoek zijn naar hun identiteit. Het kiezen voor een duidelijker en meer ambachtelijk beroep waar je zelf letterlijk en figuurlijk de zaken in eigen hand hebt, geeft meer een eigen gezicht, aldus Knoop.
Van hoofdwerk naar handarbeid
Iets anders dat nauw verwant is aan de revival van het vakmanschap is dat jonge hoogopgeleiden de zachte kanten van het werk belangrijker vinden. Onvoldoende uitdaging, te weinig openheid van het management en het gevoel dat je er niet toe doet, eindigden in een onderzoek dat Content liet doen naar vertrekredenen, hoog in de top tien. Knoop: 'De grens tussen werk en prive vervaagt en dus willen ze op het werk ook meer zichzelf kunnen zijn. Daarom vragen ze meer menselijkheid en alles wat daarbij hoort zoals openheid, waardering en een prettige bedrijfscultuur.' Hij verwacht dat we de komende tijd vaker zullen horen dat hoogopgeleiden hun hoofdwerk voor handenarbeid verruilen, want terwijl vanuit de werknemers de druk toeneemt om een baan te zoeken die bij ze past en waarin ze zich kunnen ontplooien, focussen organisaties door de crisis op prestaties en bezuinigingen en verdwijnt de menselijkheid naar de achtergrond. De mensen die toch al twijfelden, krijgen zo het laatste duwtje in de rug.
Uit de 'comfortzone'
De helft van werkend Nederland zou zijn carriere heel anders indelen als ze het over mochten doen, wijst een onderzoek van Motivaction uit. Maar ook al krijgen ze een tweede kans, dan zou het grootste deel weer blijven hangen in de 'comfortzone'. De groep die daadwerkelijk opnieuw begint, neemt de stap namelijk meestal onder dwang. Pas als ze tot hun nek in het water staan, gaan ze zwemmen, zegt Peter Vonk van Vonk Competentiemanagement.
Een ontslag, een outplacementtraject of een burn-out dwingt mensen na te denken over wat ze echt willen. Geld is het grootste struikelblok om dat niet eerder te doen. Vonk legt het uit aan de hand van de behoeftepiramide van de Amerikaanse psycholoog Abraham Maslow. 'Het zijn vaak succesvolle mensen die deze stap wagen. Zij hebben eten, drinken, een dak boven hun hoofd, sociale contacten en waardering en erkenning in hun werk. Wat volgt is de behoefte aan zelfverwezenlijking. Dat lukt niet in het huidige werk, maar als blijkt dat ze moeten woekeren voor brood op te plank en om de kinderen te kunnen laten studeren, zie je de dat de behoefte opeens niet meer zo groot is. Ze zakken gewoon weer een laag in de piramide.'
Toch kent Hugo van der Heiden van loopbaanontwikkelingsbureau Carriere Switch geen mensen die er spijt van hebben dat ze hun passie hebben gevolgd. 'Ik had het tien jaar eerder moeten doen', is de standaard reactie. De keuze wordt volgens hem overschaduwd door geld, maar als het puntje bij paaltje komt, blijkt het geen factor van belang. Ze verdienen genoeg of geld is niet meer zo belangrijk. Van der Heiden: 'Met het maken van zo'n bewuste keuze verandert vaak het wereldbeeld. Ze lopen niet meer mee in de tredmolen van het moeten en hangen hun oude overtuigingen samen met het maatpak aan de wilgen.'
Voor de omgeving kan dat lastig zijn. Vrienden, oud-collega's en kennissen blijven in het oude patroon en snappen de switcher niet. Hij krijgt negatieve reacties of waarschuwingen. 'In ons calvinistische systeem moet je altijd hoger op de ladder, of het bij je past of niet. Mensen die voor zichzelf kiezen, worden niet begrepen', aldus Van der Heiden.
Ondernemerschap vereist
Iets anders waar toekomstige hoogopgeleide ambachtslieden zich bewust van moeten zijn, volgens Carina Benninga van loopbaanbureau Van Eden
Bron: oktober, 2009







