Iedereen het multiculturele bos in

Genieten van de natuur is gezond maar het idee leeft dat Nieuwe Nederlanders minder van de natuur genieten dan autochtonen Nederlanders. Maar is dat wel zo? In het kader van een promotieonderzoek aan de Wageningen Universiteit ondervroeg Motivaction autochtonen en in Nederland woonachtige Turken en Chinezen. En wat blijkt? De natuurbeleving van autochtonen en allochtonen heeft duidelijke verschillen. 


Ga naar het Deelerwoud, de Weerribben of de Slufter op Texel. Grote kans dat de multiculturele samenleving ver weg lijkt. Nederlanders van niet-westerse komaf komen amper in het bos, bij het moeras of op de hei, zo leert de ervaring. Dat zijn witte bolwerken waar witte natuurorganisaties de lakens uitdelen.


Om die segregatie te doorbreken, stelde natuurdenker Thomas van Slobbe tien jaar geleden voor 'plukbossen' aan te leggen, met notenbomen en bessenstruiken, dit alles om de integratie te bevorderen: samen de vruchten plukken. Prachtig plan, maar het Plukbos werd vooral een splijtzwam. 'Heb je je net ontworsteld aan het harde leven in het Rif-gebergte, word je in Nederland het bos in gestuurd', schreef een columnist.

'Het was een charmant idee dat is verketterd in de media', zegt Marjolein Kloek van de leerstoelgroep Plantenecologie en natuurbeheer van Wageningen Universiteit. 'Critici vroegen zich af: moet er nou werkelijk apart iets worden gedaan voor Nederlanders met een andere afkomst? Op hun beurt mopperden die: kom zeg, we zijn geen apen. Het is grappig dat in mijn onderzoek juist autochtone jongvolwassenen vaak aangaven dat ze vruchten, noten en eetbare planten verzamelen in de natuur.'
 

Staatsbosbeheer

Staatsbosbeheer wil een meer divers publiek trekken. Nu komen vooral kinderen en oudere, autochtone Nederlanders in natuurgebieden. Om die aantrekkelijk te maken voor jongeren en migranten, stelt Staatsbosbeheer deze herfst een multiculturele jongerenraad aan. Ook zullen de deelnemers aan de raad worden ingezet om te werven in eigen kring, bijvoorbeeld voor excursies. 'We willen weten wat we kunnen doen zodat zij die gebieden gaan gebruiken', zegt Renske Leenaars van Staatsbosbeheer. 'Om de natuur in Nederland voor iedereen aantrekkelijk te maken, moeten we ons aanpassen aan nieuwe wensen.'

 

Vrijdag promoveert Kloek in Wageningen op haar proefschrift Colourful green: hoe Nederlandse jongvolwassenen (18-35 jaar) van Turkse, Chinese (vooral tweede generatie) en autochtone afkomst re-creëren in de groene ruimte, van stadspark tot de Veluwe, en hoe ze denken over natuur. Het is voor het eerst dat er in Nederland een dergelijke grootschalig wetenschappelijk onderzoek is gedaan. De onderzoekster hield groepsinterviews in Arnhem en legde ruim duizend personen individueel een vragenlijst voor.

Haar studie biedt een nieuw startpunt voor de discussie over groen en afkomst. 'Ik wilde bevolkingsgroepen onderzoeken van diverse culturele en religieuze achtergrond. Mensen van Turkse komaf vormen de grootste groep niet-westerse allochtonen in Nederland. De Chinese gemeenschap staat pas op plek 5, maar hun aandeel groeit snel. Bovendien verschillen deze twee groepen sterk van elkaar.'

Ze koos voor jongvolwassenen omdat die zowel de huidige als de toekomstige gebruikers van het groen zijn. 'Veel onderzoek naar natuurbeleving richt zich op kinderen of ouderen. Het recreatief gedrag van deze groep is onderbelicht.'
 

Geen leeftijdscategorie die enthousiast de paden op, de lanen in gaat.

'Veel geënquêteerden geven aan dat ze het minder bij hun leeftijd vinden passen om een boswandeling te maken, of dat ze daar een te druk leven voor hebben. In alle groepen, ook bij de Turkse en Chinese Nederlanders, zitten echter ook een paar donkergroene natuurliefhebbers en mensen die meerdere keren per week het bos in gaan om hard te lopen. Daarnaast speelt etniciteit wel degelijk een rol. Chinese Nederlanders trekken er relatief meer in hun eentje op uit. Ze maken echter weinig tijd vrij voor natuurbezoek. Opleiding, werk, carrière staan bij deze groep voorop. Slechts 20 procent had in de drie maanden voorafgaand aan de enquête de natuur buiten de stad bezocht. Bij Nederlanders van Turkse komaf ligt dat dubbel zo hoog; bij autochtonen ook, en die gaan ook veel frequenter dan Turkse en Chinese Nederlanders.'

Parken zijn waarschijnlijk het populairst bij deze leeftijdsgroep?

'Dat klopt. Door alle jongeren wordt stadsnatuur vooral gebruikt om te sporten of met vrienden te chillen. Turkse Nederlanders bezoeken het groen in de stad het vaakst, ook voor barbecues en urenlange familiebijeenkomsten. Excursies om echt de natuur in te gaan werden soms georganiseerd door de moskee.'|
 

Uit het proefschrift blijkt dat er ook onbehagen heerst over hoe ze worden bejegend.

'Op de vraag 'voel je je weleens gediscrimineerd in de natuur' kwam nauwelijks reactie. Daarna vroegen we: 'pas je je gedrag weleens aan, om te voorkomen dat je gediscrimineerd wordt'. Bij de Chinese Nederlanders speelt dat amper, maar ruim een kwart van de Turks-Nederlandse groep beantwoordt die vraag bevestigend. Zo werd duidelijk dat zij zich soms een buitenbeentje voelen doordat ze door medebezoekers met argwaan worden bekeken. De verwachting van discriminatie kan ertoe leiden dat mensen bepaalde plekken gaan mijden. Zo vertelden mannen van Turkse komaf dat ze 's avonds vaak in een bepaald park kwamen. Totdat er op een dag iemand was vermoord. Daarna gingen ze niet meer. Niet uit angst dat hun iets zou overkomen, maar omdat ze bang waren als dader te worden aangemerkt. Ze noemden dat zelf geen discriminatie, maar ze pasten wel hun gedrag aan.'|
 

Is het zo erg als er weinig tijd wordt besteed in de natuur?

'Mensen die bewegen of sporten in de natuur voelen zich gemiddeld genomen positiever, hebben meer energie en plezier en kunnen het langer volhouden dan mensen die in de stad oefeningen doen. Recreatie in de natuur kan dus een bijdrage leveren aan het vermijden van obesitas. Meer en meer wordt duidelijk dat groen sowieso goed is voor de gezondheid. Daarnaast maakt Staatsbosbeheer, dat mijn onderzoek betaalde, zich zorgen over het draagvlak voor natuurbescherming. De organisatie wordt grotendeels betaald met belastinggeld. Ze beheert dus de natuur voor iedereen en niet voor een deel van de Nederlanders.
 

Hoe zit het nu dan met dat draagvlak voor natuurbescherming?

'Daar is consensus over: tweederde van de ondervraagden vindt dat belangrijk. Wel zijn de motieven verschillend. Bij de Chinees-Nederlandse groep speelt vooral het nut van de natuur voor de mens. Bij de Turkse Nederlanders prevaleert de waarde van natuur zelf, vaak uit religieuze overwegingen: de plicht om goed voor de schepping te zorgen of omdat de natuur de mens lessen kan leren over Allah en de goddelijke bedoelingen.'

 

Kunnen natuurorganisaties en beleidsmakers iets doen om Nederlanders van niet-westerse komaf meer bij de Nederlandse natuur te betrekken?

'Bij het Smulbos ontstond de indruk dat er een speciaal bos moest komen; dat was funeste beeldvorming. Dat gaat ook voorbij aan de diversiteit aan denkwijzen en gedrag in Nederland. Elke groep moet op zijn eigen manier worden benaderd, bij voorkeur in nauwe samenspraak met vertegenwoordigers uit die groep die al een groen hart hebben.'

 

Bron: de Volkskrant, door Rik Nijland, 25.08.2015 

 

Facebook Twitter LinkedIn