Welke factoren bepalen ons digitale gedrag?

21.10.2021 - Door de verregaande digitalisering van de samenleving maken digitale media en technologie steeds vaker deel uit van ons leven. Toch zijn er duidelijk verschillen waarneembaar in de digitale houding en mentaliteit van mensen. Deze bepalen – tenminste gedeeltelijk - ons digitale gedrag. Maar hoe verhoudt deze digitale mentaliteit zich tot sociale mediagebruik, problematisch sociale mediagebruik en de Fear of Missing Out?

 

Waar gaat deze blog over?

  • Onderzoek naar kenmerken van de digitale consument
  • Hoe verhouden de Digitality-profielen van Motivaction zich tot (problematisch) sociale mediagebruik en FoMO
  • Welke rol speelt leeftijd

 

Het onderzoek

In de media lezen we vaak over ‘sociale mediagebruikers’. Een groep die vastgekleefd zit aan hun smartphone scherm, die wordt getypeerd door het continue scrollen door hun sociale mediatimeline en wiens leven wordt geregeerd door de Fear of Missing Out (FoMO), ofwel de continu angst dat anderen leukere ervaringen hebben dan jij waardoor je continu verbonden wil blijven met wat anderen doen. Maar bestaat er wel een typische sociale mediagebruiker? In hoeverre zijn er verschillen in digitale mentaliteit en in welke mate bepalen deze het digitale mediagedrag?

Om daar inzicht in te krijgen voerden Hogeschool Rotterdam en Vrije Universiteit Amsterdam een onderzoek uit naar het sociale mediagebruik van mensen en hun digitale mentaliteit. Hiervoor vulden een representatieve groep Nederlanders van 18-70 jaar uit het Motivaction Stempanel (n =2041) een vragenlijst in. Deze antwoorden zijn met hun toestemming gekoppeld aan hun Digitality-profiel.

 

Het Digitality-model

Motivaction is in 2011 het Digitality onderzoeksprogramma gestart en heeft in 2014 het Digitality-model ontwikkeld. Aan de hand van 23 stellingen wordt bepaald wat iemands digitale mentaliteit is ten opzichte van twee dimensies; 1) Techno-involvement, de mate waarin iemand geïnteresseerd is in digitale techniek en 2) The Social Dilemma, de mate waarin iemand de afweging maakt tussen meer digitaal sociaal contact of meer privacy. Op basis daarvan wordt bepaald in welk van de 5 digitale profielen iemand valt (zie Figuur 1).  

 

 figuur11

Figuur 1. Het percentage Nederlanders dat binnen een profiel valt.

 

De resultaten van het onderzoek laten zien dat het Digitality-profiel ‘digital interactors’ veelvuldig gebruik maakt van sociale media. Waar slechts 17% van alle respondenten aangeeft meer dan 3 uur per dag aan sociale media te besteden, is dit percentage substantieel hoger in groep ‘digital interactors’, namelijk 24%. Mensen die tot dit Digitality-profiel behoren scoren eveneens het hoogst op problematisch sociale mediagebruik, namelijk 2.36 ten opzichte van 1.84 gemiddeld (5-puntsschaal). Dit betekent bijvoorbeeld dat zij zelf aangeven vaak de drang te voelen sociale media te gebruiken, zich onrustig te voelen wanneer dit niet kan of er niet in slagen hun sociale mediagebruik te verminderen terwijl ze dit wel willen. Niet geheel onverwachts, gezien mensen in dit profiel vooral ‘heavy users’ van sociale media zijn. Zij vinden het belangrijk om zichzelf online zo goed mogelijk te presenteren op sociale media en kijken ook veelvuldig hoe anderen dit doen. Dit verklaart wellicht ook waarom zij ook het hoogst scoren op het ervaren van FoMO, namelijk 2.70 ten opzichte van 2.15 gemiddeld over alle profielen (5-puntsschaal).

 

geagrgerh
 

Figuur 2. Problematisch sociale mediagebruik en FoMO voor de verschillende Digitality-profielen 

 

De ‘full digitals’ scoren het hoogst op de hoeveelheid tijd die zij spenderen op sociale media; 27% van hen geeft aan meer dan 3 uur per dag aan sociale media te besteden. Zij scoren wel iets lager dan de ‘digital interactors’ op problematisch sociale mediagebruik, namelijk 2.04 en ook op het ervaren van FoMO: 2.39. Deze digitale voorlopers zien de offline en online wereld als één geheel. Sociale media platformen worden dan ook gezien als belangrijke plek voor het onderhouden van sociale contacten en het delen van eigen gemaakte content. Dit verklaart mogelijk waarom zij minder FoMO ervaren dan ‘digital interactors’; zij creëren veelal de nieuwswaardige content die wordt gevolgd, geliket en gecomment. Dit maakt het onafhankelijk en ze hebben dan wellicht ook minder snel het gevoel iets te missen.

 

Hoe jonger, hoe meer (problematisch) sociale-mediagebruik en FoMO

Als het gaat om sociale mediagebruik en FoMO, worden jongeren gezien als de meest risicovolle groep. Niet geheel onterecht want ook ons onderzoek laat zien dat, ongeacht in welk Digitality-profiel iemand valt, de leeftijdsgroep van 18 tot 25 jaar het meest gebruik maakt van sociale media. Zij scoren ook het hoogst op zelf gerapporteerd problematisch sociale mediagebruik en ervaren het meest FoMO.

De meeste jongeren vallen in het Digitality-profiel ‘digital interactors’ (30.35% van alle jongeren zijn ‘digital interactors’). Kijkend naar de groep jongeren dan zien we de cijfers nog sterker stijgen. Van deze groep gebruikt 53.67% sociale media meer dan 3 uur per dag. Zij scoren 2.89 op problematisch sociale mediagebruik en hun FoMO gemiddelde is 3.21.

 

figuur2

Figuur 3. Problematisch sociale mediagebruik en FoMO per leeftijdscategorie

 

DE sociale-mediagebruiker

Het onderzoek laat dus zien dat er niet zoiets bestaat als ‘de sociale mediagebruiker’. Verschillen in digitale houding en mentaliteit, leeftijd, (problematisch) sociale mediagebruik en FoMO bepalen ons digitale gedrag. Organisaties zouden hier in de communicatie rekening mee moeten houden, maar ook voor de overheid liggen hier kansen om bijvoorbeeld hun communicatie over online veiligheid op af te stemmen.

 

Meer weten?

Benieuwd naar de kenmerken van de andere Digitality-profielen? In dit interactieve dashboard kun je precies zien hoe de verschillende profielen scoren ten opzichte van verschillende sociale-media gerelateerde variabelen.

Of download de Motivaction whitepaper Digitality als je meer wil weten over de Digitality-profielen.

Benieuwd tot welk Digitality-profiel jij behoort? Test het hier:

Dit artikel is geschreven door Ellen Groenestein (Hogeschool Rotterdam en Vrije Universiteit Amsterdam) en Kevin Hengstz (Motivaction). Interactieve dashboard is gemaakt door Nelleke de Boer (Hogeschool Rotterdam).

 

Bron: SWOCC.nl

Facebook Twitter LinkedIn