Burger en energietransitie willen maar niet convergeren

Nederlanders weten maar weinig van de Nederlandse energiehuishouding. Het aandeel duurzame energie wordt een factor van bijna acht te hoog ingeschat op 45%.

Dat blijkt uit onderzoek van Motivaction in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Eind 2015 heeft Motivaction een vergelijkbaar onderzoek gedaan, in het kader van de Energieagenda die toenmalig minister Henk Kamp opstelde. Dit onderzoek is nu gedeeltelijk herhaald, en biedt volgens het ministerie “aanknopingspunten voor effectievere communicatie over de energietransitie vanuit de overheid met de burger”.

Tanende interesse

Circa de helft van de Nederlanders (52%) zegt geïnteresseerd te zijn in het onderwerp duurzame energie. In 2015 was dit nog 57%. De urgentie van de energietransitie wordt niet gevoeld. Slechts 20% van de ondervraagden zegt dat er op het gebied van fossiele energie “dringend veranderingen” moeten komen in Nederland, en 32% zegt dat op gebied van 'natuur, milieu en klimaat' iets dringend moet veranderen. Bovenaan de prioriteitenlijst van de Nederlander staat ouderenzorg: 66%, gevolgd door criminaliteit en veiligheid (48%).

Het aandeel duurzame energie wordt ingeschat op 45%, ruim 5 procentpunt hoger dan in 2015. Die 45% is een optelsom van de percentages die de Nederlandse burger op elke vorm van hernieuwbare energie plakt. Wordt echter sec gevraagd naar het aandeel duurzame energie, dan komt het antwoord van de ondervraagden uit op 22%. In de Nederlandse energiemix wordt het aandeel zonne-energie -in werkelijkheid een paar tienden van een procent- geschat op 11%. Windmolens op land bezetten volgens de burger 9% van de energiemix, wind op zee 8%.

Zonne-energie is ook de meest geaccepteerde vorm van hernieuwbare energie: 85% van de ondervraagde Nederlanders wil dat dit aandeel verder toeneemt. Daarna zijn populair wind op zee (75%) en waterkracht (70%). 63% is voorstander van groei van wind op land.

Aardgas verder in verdomhoekje

Aardgas raakt verder in het verdomhoekje: 61% wil dat het aandeel aardgas in de energiemix vermindert. In 2015 was dat nog 50%. Het aandeel aardolie (62%) en steenkool (72%) moet ook slinken, vindt een meerderheid. Een groeiend deel van de Nederlandse bevolking (54%) ziet bovendien het aandeel kernenergie graag verminderen.

Als dan de vraag gesteld wordt waar die zonnepanelen en windmolens moeten verrijzen, dan blijkt het Nimby-effect (Nimby: not in my backyard) mee te vallen. 23% van de ondervraagden vindt het onacceptabel tot zeer onacceptabel als zijn of haar buurt de komende jaren ingrijpend verandert door nieuwe windmolen- en zonneparken en hoogspanningsleidingen. 43% vindt dit acceptabel tot zeer acceptabel, en 28% houdt het midden tussen die twee.

De acceptatiegraad houdt geen gelijke tred met de verwachting van de burger. Een forse 62% verwacht dat Nederland de komende jaren ingrijpend zal veranderen door nieuwe windmolen- en zonneparken en hoogspanningsleidingen. Maar slechts 21% verwacht dat zijn of haar buurt zal veranderen door genoemde zaken.

Bron: Energeia, 01.12.2017

Download het volledige onderzoeksrapport 'Publieksmonitor energie'

Lees ook: 

Facebook Twitter LinkedIn