In gesprek met... Ester Koot

18.12.2020 - Ester Koot is sinds 1998 werkzaam als onderzoeker en consultant. Zij studeerde Bedrijfskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, met als afstudeerrichting Marketing Management. Binnen Motivaction richtte Ester het expertteam Sparkey op, waarbij de nadruk ligt op de ‘spark’ tussen werkgever en werknemer. Sparkey geeft op basis van onderzoek advies over medewerker motivatie, organisatieverandering, werkgeversimago en optimalisatie van arbeidsmarktcampagnes. Uitgangspunt bij de onderzoeken is ‘de mens achter de werknemer of werkgever’, wat drijft hem of haar? Ook verschillen tussen generaties op dit gebied worden onderzocht. En daar wilden wij meer van weten. Jij toch ook? Lees mee.

 

Wat zijn generatieverschillen? Is het niet gewoon een verschil tussen jong en oud?
“Er zijn zeker verschillen tussen jong en oud, maar bij generatieverschillen gaat het over opgroeien in een andere tijd. Dit zijn de verschillen tussen generaties die optreden tijdens de formatieve periode, ook wel preklassieke periode genoemd (tot het 24e levensjaar). De maatschappelijke gebeurtenissen die plaatsvinden tijdens de formatieve jaren zijn, naast de opvoeding, bepalend voor de ontwikkeling van de waarden en normen die iemand heeft. De babyboomgeneratie (1945-1960) is in een naoorlogs tijdperk opgegroeid, de generatie Y (1980-1995, grotendeels overlappend met de zo genoemde millennials) in een tijdperk waar digitalisering steeds meer mogelijkheden bood. En tot slot de generatie Z (1996-2010) die groeit op in tijden van terroristische aanslagen en nóg meer technologische innovaties. Voor hen zijn de smartphone en social media echt onmisbaar.

In de formatieve periode is een kind of jongere erg ontvankelijk voor invloeden. Denk aan vrienden en opvoeding, maar ook maatschappelijke ontwikkelingen. Zo heeft een crisis meer impact op kinderen en jongeren. Denk aan 9/11, een economische crisis, maar ook economische welvarendheid. En zo ook de corona crisis. De anderhalve meter afstand, geen handen mogen geven, de onzekerheid en kwetsbaarheid. Dit alles is van invloed op het waardepatroon dat kinderen en jongeren ontwikkelen.”

 

Motivaction onderzoekt generatieverschillen. Wat voor verschuivingen zijn er zichtbaar?
“Iedere generatie heeft bepaalde kenmerken, wat niet wil zeggen dat iedereen hetzelfde is. Motivaction doet al 20 jaar onderzoek naar waarden en leefstijl, waarbij er een doelgroepenindeling is gemaakt. Op basis van dit onderzoek is het Mentality model ontwikkeld dat mensen groepeert naar levensinstelling. En een segmentatiemodel burgerschapsstijlen dat inzicht geeft in de drijfveren van burgers. Nederland kent acht sociale milieus. Deze komen voort uit persoonlijke opvattingen en waarden die aan de levensstijl ten grondslag liggen. Mensen uit hetzelfde sociale milieu delen waarden als het gaat over werk, vrije tijd en politiek en hebben overeenkomsten wanneer je kijkt naar ambities. De acht milieus zijn: traditionele burgerij, moderne burgerij, kosmopolieten, nieuwe conservatieven, postmaterialisten en opwaartse mobielen, gemak georiënteerden en de post moderne hedonisten. Als we kijken naar de drijfveren van burgers en hun relatie tot de samenleving, overheid en politiek zijn er vier stijlen, namelijk: verantwoordelijken, plichtsgetrouwe, pragmatici en structuurzoekers.

Wanneer we kijken naar de verschuiving over de jaren, dan zien we een toename van individualisme, een afname van plichtsgetrouwheid en een toename van 'entitlement'. Entitlement betekent ergens recht op hebben. We zien een verschuiving in waarden en levensstijl en burgerschapsstijlen. De traditionele burgerij heeft met name de stijl plichtgetrouw. Respect voor de huisarts, leraar en de dominee. Je zorgt voor elkaar. Veel van onze grootouders vallen onder de traditionele burgerij. Ze zijn er nog wel, jongeren die onder de traditionele burgerij vallen, maar het zijn er steeds minder. Onder de generatie Z en millennials zien we veel gemak georiënteerden, deze vallen onder de stijl stuctuur zoekers. Onder deze groep is ‘entitlement’ belangrijk. Ze weten waar ze recht op hebben en treden hiermee naar buiten. Bij de pragmatici (ook goed vertegenwoordigd onder jongeren) geldt vooral ‘the sky is the limit’. Er is veel aandacht voor zelfontplooiing. Wanneer we dit bijvoorbeeld vertalen naar de arbeidsmarkt dan zien we een toenemende behoefte aan opleiding en ontwikkeling. De rugzak vullen met kennis en ervaring en vervolgens naar de volgende baan overstappen. Een leven lang bij dezelfde werkgever kom je onder deze generaties niet veel meer tegen.”

 

Betekent dit dat jongeren zich niet meer maatschappelijk willen inzetten, bijvoorbeeld bij een sportvereniging?
“Waar het onder bepaalde generaties vanzelfsprekend is dat je vrijwilligerswerk doet, zien we dat bij andere generaties minder terug. In besturen, zo ook van sportverenigingen, zitten vooral veel plichtsgetrouwe. Dit zijn met name mensen uit de babyboom generatie (1945-1960). De groep plichtsgetrouwe wordt steeds kleiner. Vanuit de kennis die we hebben, begrijpen we dat het lastig is jongeren te betrekken. Dit heeft met tijd en de drukte van alledag te maken. De vanzelfsprekendheid is er niet meer. Maar dat wil niet zeggen, dat deze generaties geen vrijwilligerswerk wil doen. Er is alleen een andere motivatie. Niet de vanzelfsprekendheid, maar de vraag wat krijg ik er voor terug, wat levert het mij op? Waar heb ik recht op?”

 

Kunnen we de generatie Z en millennials enthousiasmeren voor bijvoorbeeld een bestuursfunctie?
“Dat kan zeker. Het is belangrijk dat er wederzijds begrip is. Waarbij er rekening gehouden wordt met de wensen, behoefte en zienswijzen van jongeren. We redeneren allemaal vanuit onze eigen waarden. Vaak ontstaat daar een groot wederzijds onbegrip. Bijvoorbeeld over het nemen van risico’s. Wanneer er een goede balans is tussen generaties binnen een bestuur, dan kan dit leiden tot mooie samenwerking waar de vereniging van profiteert. Om te komen tot een goede samenwerking is het belangrijk dat er van beide kanten water bij de wijn wordt gedaan.”

 

De jongeren van nu zijn de bestuurders van de toekomst. Belangrijk voor de sportvereniging. Maar hoe bereik je die jongeren?
“Het is vooral belangrijk om met de jongeren in contact te komen en door te vragen. Hoe kunnen we het vrijwilligerswerk of bestuurswerk aantrekkelijk voor je maken? Waar loop je tegenaan? Als we kijken naar de kanalen, dan zijn dat niet de brief of de advertentie. Je kunt denken aan een jongere als influencer. Die laat zien waar hij mee bezig is en dat werkt inspirerend bij de jongere doelgroep.

 

De leergierigheid onder de millennials en generatie Z is groot. Wat kan volgende keer beter? In de boodschap kun je de nadruk leggen op wat je kunt leren als vrijwilliger. Maak hierbij ook de koppeling naar werk, het is goed voor je CV, je krijgt toegang tot een netwerk van mensen, wellicht nuttig voor je loopbaan. Verder is het belangrijk duidelijk te zijn. Weten waar je aan toe bent, wordt belangrijk gevonden door deze generaties. Dit kun je doen door het pad dat ze kunnen bewandelen inzichtelijk te maken. Hoe je kunt doorgroeien, bijvoorbeeld na een meeloop- of stageperiode en een eventuele scholing word je commissielid, waarna je kunt doorgroeien naar het hoofdbestuur. De vrijblijvendheid moet losgelaten worden en het kader en pad waarbinnen men kan groeien inzichtelijk gemaakt. Hierbij is het belangrijk vrijheid binnen kaders te geven.”

 

Bron: SportService Zwolle.

+31 (0)20 589 82 36

Facebook Twitter LinkedIn